|
|
Het
Führer der Schnellboote complex te Scheveningen
© M.S. Laarman, laatste wijziging
26 april 2012
Het Führer
der Schnellboote complex te Scheveningen
De bunkers van het FdS complex kunnen eigenlijk niet onbesproken blijven
zonder nader in te gaan op het doel van deze bunkers, de functies van de
staf die in de wijk gelegerd was, en de personen die er leefden.
Bovenal; de boten welke aangevoerd werden vanuit de villa op de Hogeweg
18.
In een statige, rustieke wijk in Scheveningen vind men vele mooie
villa's en panden uit het begin van de 20e eeuw. In de nabijgelegen
parken ziet men hier en daar stuk beton boven het maaiveld uitsteken.
Het zal slechts weinig mensen bekend zijn welke importantie dit gebied
had voor de Kriegsmarine, hoewel vrij bekend is dat er bunkers begraven
liggen in het van Stolkpark. Dit is wat erover is van de staf van de
Duitse torpedoboten, Schnellboten genaamd. Het complex is nog vrijwel
geheel aanwezig, hoewel de bunkers zijn leeggehaald en sommige gesloopt.
De villa's zijn slechts weinig veranderd sinds 1945. Laten we eens
kijken wat er gebeurde in de oorlogsjaren.
In het begin van 2000 heb ik voor het eerst een bezoek gebracht aan het
complex, hierbij geholpen en op het idee gebracht door het boek van Ir.
Ambachtsheer "Van verdediging naar bescherming, de Atlantikwall in Den
Haag". Mijn interesse in het complex was gewekt, en ik wou er graag meer
over weten.
|
Er waren nog twee gelukkige omstandigheden welke mijn
belangstelling voedde; De eerste was dat Villa Sandhage, het
belangrijkste gebouw van het complex, leeg stond toen ik een bezoek
bracht Het deftige gebouw had nog niets van zijn grandeur verloren,
hoewel er aan de achter,- en zijkant een kliniek is aangebouwd. Dit
bracht
mij op het idee de aannemer te bellen, wiens bord op het pand hing, met
het verzoek het pand te mogen bezoeken. Gelukkig was de Dhr. Korenman van
architecten-bureau Kat & Vis bereid ons een rondleiding te geven. De tweede
factor van grote betekenis was het feit dat ik kontakt had kunnen leggen
met stafofficier Bernd Rebensburg, welke gedurende de oorlog aan de FdS
verbonden |

Villa Sandhage |
was. Ik krijg zijn adres van een
bevriend Amerikaans schrijver (Jim Tent, E-Boat alert).
Bernd is geboren in 1915 te Kiel. Aan het
begin van de oorlog was hij Kommandant van een S-Boot. Door een
verkeersongeval was hij fysiek niet meer in staat te functioneren als
Kommandant, zijn zicht was sterk verminderd. Hij kreeg een bureaufunctie
bij de Führer der Torpedoboote, waaronder de S-Boten op dat moment
vielen. Hij werd daar wat je in het Engels zou noemen Operationsofficer.
Een bezoek aan het pand, plus de getuigenissen van de officier en de
diverse boeken en documenten vormen aldus de wortels van dit artikel.
Schnellboote
Om te weten waarover de FdS precies het bevel voerde, is het goed eerst
te kijken wat nu precies Schnellboote zijn en waar deze opereerde. Onder
de FdS vielen alle Schnellbootflottilles, hun Begleitschiffe en de
Schnellbootschulflottiles. Een sterke overzicht kan men vinden op deze
site:
http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/km/sboot/s-fl.htm
De Schnellboote waren maar kleine vaartuigen, (circa 30 meter lang, een
breedte van 5 meter), maar waren desondanks als horzels in de
geallieerde pels. Ze bleken een effectief offensief wapen te zijn dat
bijna in alle kustwateren werd ingezet waar de Wehrmacht aktief was, van
het Middellandse Zeegebied, Zwarte Zee, het Kanaal, de Noordzee tot de
Oostzee. Ze opereerden groepsgewijs in het duister. Door hun snelheid,
tot 40 knopen, waren ze maar moeilijk te onderscheppen. De
hoofdbewapening bestond uit torpedo’s waarvan er vier aan boord
meegenomen konden worden. Ook werden ze ingezet voor het leggen van
mijnen. Verder was er licht geschut van verschillend kaliber aan boord.
Niet alle Flottilles vielen bij de dagelijkse leiding onder de FdS. De
op grote afstand gestationeerde Flottilles kwamen operatief onder bevel
van de plaatselijke marinebevelhebbers.
Zo viel bijvoorbeeld de
operationele leiding van de |
 |
S-Bootflottilles in het Middellandse
Zeegebied onder de Kommandierender Admiral Adria, terwijl operationele
leiding van de in Noorwegen gestationeerde Flottilles viel onder de
Admiral Norwegen. De logistieke leiding bleef echter wel onder FdS
vallen. De Flottilles welke in het kanaal en de Noordzee aktief waren,
werden wel operationeel geleid door de FdS. De Schnellbootstab was tot
april 1942 een deel van de Führer der Torpedoboote. Deze staf was
opgericht in 1937, en omvatte toen Torpedoboote. Zerstörer en
Schnellboote. (FdT) Op 24 Oktober 1939 werd een aparte staf voor
Zerstörer gevormd, genaamd Führer der Zerstörer. Op 20 April 1942 werd
tenslotte de gehele FdT opgeheven. Torpedoboote vielen nu onder de FdZ,
terwijl de Schnellboote een eigen staf vormde, de Führer der
Schnellboote. De FdT was reeds in mei 1940 enige tijd in Nederland
aanwezig. In de Rotterdamse Lekhaven lag het schip Batavia III, waarop
zich een kleine staf bevond. Hier waren o.a. aanwezig FdT Kapitän zur
See Hans Bütow, Korvettenkapitan Herbert Schulz en Korvettenkapitan
Rudolf Petersen. Begin september werd de FdT verplaatst naar Wimereux
bij Boulogone. In de kanaaIhavens waren een aantal S-Bootflottiles
aanwezig zodat de staf dichtbij de operatiegebieden en havens lag. Toen
de FdT zich opsplitste in FdS en FdZ was de FdS vrij zelf een lokatie te
kiezen. Gekozen werd voor de Den Haag, mede door de centrale ligging,
goede verbindingen en de aanwezigheid van communicatie apparatuur. Rond
Augustus 1942 werd het complex in Scheveningen in gebruik genomen.
Petersen
Misschien is het ook goed wat nader in te gaan op de hoofdbewoner van
Hoge Weg 18, Rudolf Petersen. Hij was hoofd van de FdS. Geboren in 1905,
stammend uit Crew 25, was hij in 1935 Kommandant van de S-9. Het
Schnellbootwapen stond toen nog in de kinderschoenen. In 1938 werd hij
Flottillenchef van het 2e S-Bootsflottille, wat hij bleef tot 1941. Een
persoon die aldus veel ervaring had met het S-Bootwapen. en geschikt was
zijn boten op de juiste plaats en tijd in te zetten. Hij was een sober,
nuchter persoon. Zo liet hij zich 24 uur na de oorlogsverklaring van
Frankrijk en Engeland aan Duitsland, enigszins gepikeerd door het
mislukken van een aktie door het slechte weer en materiaal ontvallen;
Das ist der 2.Weltkrieg, der länger dauert als die Erste, denn es ist
ein Seekrieg, und den können wir nicht gewinnen!
Wij weten nu dat het
waarheid is gebleken, maar zo’n opmerking was zeker voor een hoge
officier in het Duitsland van 1939 hoogst ongewoon. Deze opmerking
weerspiegelt het idee dat hij had van het Nationaal-socialisme. Zijn
religieuze overtuiging druiste in tegen de Führerkultus, tegen de
onrechtvaardigheid van het 3e rijk en tegen doden uit politieke
overweging. Hij had zich kunnen afkeren van het regime of gaan
tegenwerken, maar hiermee had hij zijn familie en kennissen in gevaar
gebracht. Het was ook niet de tijd voor gewetensvragen, de eed en
vaderlandsliefde bonden hem. Hij bleef op zijn post, mede met het idee
dat een eventuele opvolger rücksichtloser te werk zou gaan. Petersen
probeerde een menselijke leider te zijn, die zijn boten en bemanning
niet nodeloos in gevaar zou brengen. Zijn gezonde verstand voorkwam dat
kamikazeachtige ondernemingen en onzinnige bevelen werden uitgevoerd.

Lagezimmer in de Villa Sandhage (Den Haag)
Het ging hem aan het hart dat zijn mensen hun leven verloren, en dat
voor een ideologie waar hij niet achter stond. Een tekenend voorbeeld
geeft Bern Rebensburg in zijn Erinnerungen an der Schnellbooteinsatz im
Westen 1940-45, als hij schrijft dat Petersen met tranen in zijn ogen en
zwijgend de Lagezimmer in Villa Sandhage verliet toen bekend werd dat
S-Bootkommandant Opdenhoff het leven had gelaten bij een luchtaanval op
zijn boot. Door informatie uit gesprekken, documenten, boeken en
ooggetuigenverslagen, komt Petersen naar voren als een persoon die
worstelde met de omstandigheden in het Derde rijk. Anders dan enkele van
zijn tijdgenoten was hij geen Draufgänger. Hij was zich bewust van de
tijd waarin hij leefde, en probeerde het beste te doen voor de hem
onderstelde manschappen, naar eer en geweten. Natuurlijk maakte hij ook
fouten, maar hij claimde geen verering en privileges en hij hield zich
van intriges, en bleef realistisch. Ook laat zijn persoon zien dat niet
alle hooggeplaatste officieren kunnen worden gekwalificeerd als nazi's,
net zo min als dat in de lage rangen gemeengoed was.
Voor de volledigheid moeten we nog wel een ander feit vermelden uit de
loopbaan van Petersen. Het heeft een lange juridische en tragische
nasloop kregen in het na-oorlogse Duitsland, en is daarom het vermelden
waard. Op 10 mei 1945 was hij hoofdverantwoordelijke van een
Kriegsgericht, welke drie gedeserteerde soldaten liet executeren. Op
Fahnenflucht stond de doodstraf, zoals deze al de gehele oorlog werd
voltrokken. Nu kan men over dit incident verschillende meningen hebben,
helemaal als we nu terug kijken. De eerste zou kunnen zijn dat executies
op dat tijdstip in de oorlog, de capitulatie was al getekend, onnodig
waren. (overigens niet het enige geval waarbij dit gebeurde) Maar als we
de tijdomstandigheden in acht nemen, kan men ook een andere mening
hebben. De marine was zeer gevoelig op het punt van opstand en rebellie
door de opstand in 1918 in Kiel. Verder had men nog de hoop dat de
geallieerden samen met Duitsland tegen Rusland ten strijde zou trekken.
Ook hadden S-bootbemanningen slechts uren geleden hun leven geriskeerd
om vluchtelingen te redden uit de door de Rode legers bezette gebieden.
Waarschijnlijk hadden de matrozen in andere omstandigheden nog geleefd,
en hadden ze er met een celstraf van afgekomen. Hoe het ook moge
zijn, de wijsheid komt altijd achteraf. Na een lang proces wordt
Petersen uiteindelijk in 1953 vrijgesproken door de rechtbank.
20 jaar later, jaarwisseling 1982/1983, vindt een
tragisch incident plaats. Jongelui schieten vuurwerk op het
verzorgingstehuis waar Petersen woont. Hij gaat naar buiten om de
jongelui aan te spreken, die reageren door hem met vuurwerk te belagen.
Hij weet zich nog naar binnen te slepen, maar komt niet meer bij kennis
en overlijdt op 2 januari 1983 aan een hersenbloeding. De daders worden
niet vervolgd. Zijn dood krijgt weinig
publiciteit.
Villa Sandhage
De FdS werd geflankeerd door het Westbroekpark, van Stolkpark en de
Scheveningse Bosjes. Het complex bestond uit meerdere villa’s, huizen en
bunkers. Het belangrijkste pand was Villa Sandhage, gelegen aan de Hoge
Weg 18. Hier had Petersen zijn intrek genomen. In het pand waren
slaapkamers gevestigd voor een aantal stafleden. Het belangrijkste was
echter de plotkamer, vanwaar uit de operaties werden gepland, begeleid
en geëvalueerd. Deze kamer bevond zich op de 2e etage, aan de
achterzijde. Hier stond ook de Plantisch, welke leek op een omgebouwde
biljarttafel met een glasplaat, waaronder de kaarten van de onderzijde
belicht werden. De afmeting was circa 1,5 bij 2,5 meter. Verder stonden
er 2 bureaus, met elk een schrijfmachine. Het geheel was sober
ingericht. In deze ruimte waren tijdens de planning en de operaties zelf
slechts twee tot vier personen aanwezig.
De villa was door middel van een buizenpost verbonden met de grote
commandopostbunker in het park. Dit functioneerde niet naar behoren,
zodat de communicatie al snel via de telefoon of een koerier verliep. In
de bunker werd de communicatie met de boten, Flottilles etc onderhouden.
Dit gebeurde door middel van telex (Fernschreib) en radio (Funk). In het
algemeen verliep de logistieke communicatie (m.b.t. materiaal, personeel
etc) via telex, terwijl de tactische communicatie, bijvoorbeeld met
boten op zee, via de radio verliep.
Een nacht in de villa
Deze tactische communicatie was één van de
belangrijkste taken van de FdS. Voornamelijk vond deze s' nachts plaats,
als de boten op zee waren. Om enig inzicht hierin te krijgen is het goed
een voorbeeld te bekijken hoe deze communicatie verliep. De volgende
passage komt uit het Kriegstagebuch van de FdS. De berichten van de boten
en de berichten welke terug werden gestuurd vanuit Sandhage staan er in
vermeld.
De achtergrond van dit specifieke voorbeeld; op 15 februari 1944 vond er
een gezamenlijke operatie van de 2e en 8e S-Bootflottille plaats. De 2e
Flottille had als opdracht met 5 boten mijnen te leggen noordoostelijk
van Great Yarmouth, terwijl de 8e Flottille met 9 boten als afleiding en
ter bescherming aanwezig was. De coördinaten, zoals AN 8481, verwijzen
in codeschrift naar een locatie op de marinekaarten. Als eerste wordt de
tijd genoemd, dan of het een inkomend of uitgaand bericht is, daarachter
de boodschap zelf.
|
0005 Uhr Eingang Signal "Mein
Standort 2355 AN 8481 links oben, Kurs 122 Grad. 2e S-FT
Die 8.S-FL. erhalt Befehl"
0017 Uhr Ausgang FT 0012 Uhr: "8. S.Fl. AN 8468 laueren gegen
MGB aus Nordwest" FdS
0135 Uhr Eingang FT 0124 Uhr: "Bezugspunkt südlich passiert. FdS"
Die am weitesten nach Osten operierende MGB Force Otto, bei der
wahrscheinlich auch Force Max steht, meldete um 0124 Uhr, das
sie in Position stände und wurde dabei funkgepeilt.
0140 Ausgang FT 0137 Uhr: "MGB AN 8465 fünkgepeilt FdS"
0145 Uhr Force Otto meldet Hydrophon-Effekt in 90 Grad und den
eigenen Standort in 8464 Mitte oben.
0149 Uhr Ausgang Signal: "8e S-Fl. MGB westlich. FdS"
0150 Uhr Ausgang Signal: "MGB AN 8464 Mitte oben. FdS"
In der Annahme, dass es unmittelbar vor einer Gefechtsberührung
der 8.S-Fl. Mit Force Otto und Max steht, Befehl:
0156 Uhr Ausgang FT 0154 Uhr: "2e.S-Fl. Stoppen. Standort
melden. Befehl abwarten. FdS"
0208 Uhr Eingang Signal: "Mein Standort ist AN 8549 Mitte unten.
2.S-Fl.
0259 Uhr Ausgang FT 0256 Uhr "8. S-Fl. Rückmarsch falls keine
Feindberührung. FdS"
0328 Eingang FT 0312 Uhr: "Nach ergebnisloser Suche über AN
8461 links unten nach 8556 rechts unten befehlsgemass Rückmarsch
angetreten. Fahrt 20 sm. 8. S-Fl."
0415 Eingang FT 0400 KN: "Feindliches S-Boot auf Position Rom"
0422 Uhr Ausgang Signal: "MGB AN 8553. FdS"
Um eine Verwechselungsmöglichkeit zu vermeiden und um das
Gefechtsfeld zu klären, bitte ich die 1.Sicherungsdivision die
Vorpostenboote von Position Rom bis innerhalb der
Ansteurungstonne zurück zu ziehen, was um 0438 erfolgt. Die
eigene Küste unterrichte ich laufend durch Funkspruche und
fernmündliche Verbindung mit der 1. Sicherungsdivision über das
Geschehen im Küstenvorfeld.
0430 Uhr eingang Signal: "MGB Kurs 260 Grad. Halte Fühlung.
2.S-Fl."
0443 Uhr Eingang Signal: "Feind steht AN 8757 Kurs West. 2. S-Fl."
Die Quadratangabe ist wahrscheinlich falsch, muss wahrscheinlich
heißen 8557. Da die 2. S-Fl.
Um 04:30 die Standortangabe
unterlassen hat und diese Quadratangabe falsch ist.
0444 Uhr Eingang Signal: "S.S-Fl. Standort melden. 8. S-Fl."
0515 Uhr Eingang FT 0455 Uhr: "AN 8548 MGB Gefecht. Feind
steuert 270 Grad. Beschädigt 2. S-Fl."
0516 Uhr Ausgang Signal "Frage Fühlung FdS"
0520 Uhr Ausgang FT 0519 Uhr: "2 MGB Gruppen. FdS"
0527 Uhr Eingang Signal: "Bin in Gefecht mit 2 MGB AN 8543 L.K.M.
Fühlung verloren.
8.S-Fl."
O541 Uhr Eingang FT 0521 Uhr Rückmarsch angetreten mit eigenem
Havaristen AN 8549 Mittc,15 sm. Erbitte sofort Sankra (
Sänitatskraftwagen) IJmuiden 2.S-FL"
0549 Uhr Ausgang FT 0545 Uhr "Bis 0715 Uhr einlaufen. FdS"
0600 Uhr Eingang FT 0540: "Klar zur Bluttransfusion. 2. S-Fl."
0602 Uhr Eingang FT 0546 Uhr: "AN 8551 Rückmarsch angetreten. l
Toter. mehrere
Verwundete, erbitte Sankra. 8. S-Fl."
0600 Uhr IJmuiden 2. S-Fl eingelaufen.
0715 Uhr IJmuiden 8. S-Fl. Eingelaufen.
Inzwischen wurde dem B-Dienst entnommen, dass, der Feind mehrere
Beschädigungen erhalten hat, zersprengt ist, Zur Zeit mit
reduzierten Fahrt läuft und bei Helligkeit auf Braunen Bank
sammeln wird.
|
Dit is een voorbeeld van een typische nacht in Villa Sandhage. Het is
een vrij beknopt verslag van een gevecht, maar laat duidelijk de
aanwijzingen zien die de FdS gaf, en het aantal en de aard van de
radioberichten. Opmerkelijk is de informatie die de FdS bekend was,
zoals de posities van de tegenstander. Deze berichten zijn gebaseerd op
inlichtingen van de B-Dienst.
Verder is duidelijk hoe lang de operaties
kunnen duren, om middernacht het eerste bericht, tot 7:15 s’ morgens het
binnenlopen van de boten. Nu is het in het algemeen in februari lang
donker, een ideale nacht dus voor operaties. Blijkbaar was het weer ook
van dien aard, want bij te slecht waren de S-Boten gedwongen in de haven
te blijven.
Vaak bezochten meerdere officieren van de
FdS ‘s morgens de inlopende boten, meestal in Rotterdam of IJmuiden.
Opgedane ervaring kon zo meteen gedeeld en doorgegeven worden, en de
boten klaar gemaakt worden voor de volgende inzet met medewerking van
het technische en bevoorradingspersoneel van de FdS. Hoewel de afstand
tot beide havens vanuit Scheveningen vrij kort was, zorgde het
benzinetekort later in de oorlog ervoor dat zulke bezoeken minder
frequent werden.
Om de radioberichten enigszins te verduidelijken volgt hier een korte
beschrijving van de gebeurtenissen deze nacht. De 2e en 8e Flottille
hadden de opdracht gekregen mijnen te werpen voor Great Yarmouth. Hoewel
de 2 S-Fl. ontdekt werd door radar op weg naar het bevolen gebied, en
beschoten door twee Britse korvetten, konden 21 mijnen worden gelegd. Er
werden MTB’s uitgezonden, welke de S-Boten op hun terugweg moesten
onderscheppen. Deze waren echter te laat, waarop ze de achtervolging
inzetten. De S-Booten hadden dit verwacht, keerden om en gingen op hun
beurt achter de 5 MTB's aan.
Voor IJmuiden kwamen de S-Boote in een gevecht terecht tussen de 34e
Minensuch-Flottille en MTB's. De S-Boote meldde treffers op 3 MTB's,
terwijl de M-4311 zonk na een aanvaring met een Flottillegenoot. Zie ook
het verzoek om 04:22 aan de 1e Sicherungsdivision waaronder de 34e
Minensuchflottille viel.
Eén van de M-Boote wist echter de MTB 444 zwaar te beschadigen. De
Commander hiervan was Lt. Derek Leaf, een coryfee onder de MTB crew. Hij
had de hoge Britse onderscheiding het Distinguished Service Cross (DSC)
ontvangen. Hij was één van de vier gesneuvelden aan boord van de MTB
444. Het was een grootschalig zeegevecht, waarbij 5 MTB’s tegenover 17
S-Boote en 3 M-Boote stonden. De verliezen waren nog relatief laag. Drie
andere MTB’s waren beschadigd, 3 bemanningsleden licht gewond, maar zij
wisten veilig te ontkomen.
Door treffers op de Nebelkanne van 2 S-Boote werd het kontakt verloren.
De vermelde havarist was de S 89 welke water maakte en binnengesleept
moest worden. Aan boord van de Schnellboote waren 2 doden gevallen en
één licht,- en één zwaargewonde te betreuren. Dit verklaart de vraag om
een ambulance van beide Flottilles. De FdS heeft nog geprobeerd om de
Luftwaffe de terugkerende, beschadigde MTB's te laten aanvallen, maar
door allerlei oorzaken is dit niet gebeurd. Zoals waarschijnlijk bekend,
was de samenwerking tussen de Luftwaffe en Kriegsmarine verre van
ideaal, waardoor er geen maximale resultaten geboekt konden worden.
Bovengenoemde gebeurtenis is daar een stijlvoorbeeld van.
Rond dit tijdstip waren de S-Boote het enige effectieve offensieve wapen
dat de Duitsers nog konden inzetten tegen het scheepsverkeer in het
kanaal. De Luftwaffe had te weinig vliegtuigen en te veel taken om de
geallieerde scheepvaart nog problemen te kunnen bezorgen. Het K-Verband
zou enige maanden later ook gaan opereren, maar had niet het gehoopte
resultaat.
Verdere taken en gebouwen
De FdS droeg verder zorg voor de
bevoorrading v/d Flottilles, zoals bv torpedo's, munitie, diesel, maar
ook voedsel, wat deels op de zwarte markt gekocht werd. Verder was er
natuurlijk een personeelsregistratie, die bevorderingen en straffen
verwerkte, personeel aannam, verplaatste en ontsloeg, de soldij
uitkeerde, etc. Dan was er nog een afdeling waar de opvarenden liever
niet mee in contact kwamen, het Gericht des FdS. De straffen voor alles
wat maar riekte naar desertie waren niet mals in de Kriegsmarine, met
tot gevolg dat er veel terdoodveroordelingen plaatsvonden. Of de S-boot
tak hierin een positieve of negatieve uitschieter was, zou een
interessant onderwerp van studie kunnen zijn.
Ook de zorg voor veilige ligplaatsen viel
onder de FdS, welke opdracht gaf tot ontwerp en bouw van grote bunkers
voor de S-Boote, zoals bv. in Boulogne, IJmuiden en Rotterdam gebouwd
zijn. (en gepland in Den Helder).
|
Het pand naast Sandhage, Hoge weg 16, was in gebruik als officiers mess
en kantine. Er was een eetkamer, verschillende ruimtes om te lezen,
spelletjes te doen. etc. In het pand was zeker één Nederlander werkzaam
in de keuken. Dit aantal kan groter zijn geweest. Tussen deze twee
panden was een luchtbrug, welke na de oorlog werd verwijderd.
Bij mooi weer zaten de officieren in de tuin van de villa of speelden ze
tennis op de baan achter Hogeweg 16. De tennisbaan is nu nog steeds
aanwezig. De tuin is sindsdien echter zeer veranderd, door de bouw van
een kliniek is maar een klein stukje natuur overgebleven. |

Hoge weg 16 |
Het pand naast Sandhage, Hoge weg 16, was in gebruik als officiers mess
en kantine. Er was een eetkamer, verschillende ruimtes om te lezen,
spelletjes te doen. etc. In het pand was zeker één Nederlander werkzaam
in de keuken. Dit aantal kan groter zijn geweest. Tussen deze twee
panden was een luchtbrug, welke na de oorlog werd verwijderd.
Bij mooi weer zaten de officieren in de tuin van de villa of speelden ze
tennis op de baan achter Hogeweg 16. De tennisbaan is nu nog steeds
aanwezig. De tuin is sindsdien echter zeer veranderd, door de bouw van
een kliniek is maar een klein stukje natuur overgebleven.
In het boek van Ir. Ambachtsheer staat vermeld dat in november 1944 de FdS verplaatst werd naar Sengwarden en dat het complex in gebruik werd
genomen door de Seekommandant Mittelholland. Hieruit moet niet
geconcludeerd worden dat met de tactische leiding van operaties vanuit
Scheveningen over was. Bernd Rebensburg en andere stafleden, 20 tot 45
man, bleven tot de capitulatie in Villa Sandhage. Het logistieke
gedeelte is echter wel verhuisd naar Sengwarden.
Verder waren er nog een groot aantal andere panden in de wijk in
gebruik. Dit waren:
-
Hoge Weg 8,10,12,14.16,18
-
Duinweg 22,24 en 35,37
-
Belvédèreweg 13,15,17,19 en 21
De panden aan de Duinweg waren voornamelijk in gebruik bij het Gericht
des FdS, de Sanitätsoffizier en het bijbehorende personeel, inclusief
typiste, etc. Dat 'in gebruik' moeten we wel even toelichten, het was
gedurende de hele oorlog gebruikelijk dat de eigenaar van een pand dat
geheel of deels gevorderd werd door de Wehrmacht, hiervoor een
vergoeding kreeg. Natuurlijk is het niet prettig om je woning te moeten
verlaten, maar daar stond wel een financiële vergoeding tegenover die
het mogelijk maakte elders een onderkomen te huren.
Er waren volgens een Duitse stafkaart van augustus 1944 in het FdS
Complex 24 officieren, 36 onderofficieren en 135 soldaten gelegerd, in
totaal 195 man. Hiervan was een redelijk groot aantal bij de bewaking en
wachtfuncties ingedeeld, circa 20 tot 30 man. Meestal waren dit oudere
mannen, afkomstig uit de reserve. Verder waren er circa 20 Fünker. In de
keuken en andere ondersteunende functies hielpen ook Nederlanders.
Hier een overzicht van een aantal van de
officieren op dat moment, om het verhaal niet te lang te maken laten we
de voorgangers achterwege:
-
Führer der Schnellboote Rudolf
Petersen. Zijn laatste bevordering was die tot Kommodore op 1
oktober 1944. (1 rang onder admiraal).
-
Chef des Stabes, welke functie vanaf
juni 1944 tot april 1945 vervuld werd door Fregatten-kapitän Heinrich
Erdmann.
-
1.Admiralsstaboffizier, vanaf juni
1944 Korvettenkapitän Bernd Klug.
-
2.Admiralsstaboffizier,
Korvettenkapitän Georg-Stuhr Christiansen.
-
4.Admiralsstabsoffizier, Karl
Friederich Künzel.
-
A1 Operationsoffizier, vanaf de
oprichting tot de capitulatie was dit Bernd Rebensburg.
-
Sperwaffenoffizier, vanaf januari 1944
Kapitäntleutnant Hans Besser.
-
Verbandsingenieur, Korvettenkapitän
Wilhelm Gordes.
-
Verbandsverwaltungsoffizier, vanaf
september 1944 Korvettenkapitän Fritz Gliemann.
-
Sanitätsoffizier, Marineoberstabsarzt.
Dr.Hans Gerhard Busch.
-
Gericht des FdS, Marinestabsrichter
Adolf Holzwig.
De bovengenoemde officieren hadden
natuurlijk ook nog personeel onder zich, zoals typistes, adjudanten,
koeriers, etc.
Behalve uit de gewone huizen bestond het
FdS complex uit nabijverdediging in de vorm van versperringen, licht
geschut en natuurlijk soldaten. Deze waren ondergebracht in meerdere
bunkers, deels verbonden door ondergrondse gangen. In de belangrijkste
bunker, V 149, stond de radiozendapparatuur en telexen opgesteld. In
geval van een luchtalarm of ander onheil kon de bunker gebruikt worden
als commandopost. Dat is echter niet vaak gebeurd, de leiding van de Schnellboote gebeurde vanuit Villa Sandhage. Daarmee is ook een ander
misverstand recht gezet, de FdS was niet alleen maar de V-149, maar de
bunker maakte deel uit van de FdS in een groot complex van
burgerwoningen en nabijverdediging. De Haagse Bunkerploeg heeft de
meeste werken kunnen fotograferen, zie hiervoor:
http://www.haagsebunkerploeg.com
V-wapens
|
Tijdens mijn bezoek aan het FdS complex
kwam ik in de omgeving een monumentje tegen, welke tegen-over het Van Stolkpark stond. Het was gebouwd in de 18e eeuw, en had natuurlijk
weinig van doen met het complex, dacht ik. Ik heb er toch een foto van
gemaakt, en deze later laten zien aan Bernd Rebensburg, de officier die
werkzaam was bij de FdS. Het grappig was is dat hij het herkende als de
locatie waar ze regelmatig hun lunchpauze door-brachten. Vanaf circa
november 1944 werden er bij de waterpartij V-2’s afgeschoten en viel het
monu-mentje in het Sperrgebiet. Het bommerhammetje moest elders worden
gegeten.
|

Monument tegenover Van Stolkpark |
Dit is natuurlijk niet een heel belangrijk
historisch detail, maar wel één die de oorlog een menselijk gezicht
geeft. Zonder persoonlijk contact had ik hier niet achtergekomen.
Overigens was het afschieten van de V-wapens niet zonder gevaar, op 2
november 1944 komt een V-1 neer op circa 500 meter van Sandhage waardoor
een 4cm kanon, voor de nabijverdediging, onder aarde bedolven wordt en
er verdere schade ontstaat. Personele verliezen zijn er niet.
Tegenwoordig
Bij mijn bezoek aan Sandhage in 2000 stond
de villa leeg. De architect, betrokken bij de verbouwing tot Indisch
Herinneringscentrum, was zo vriendelijk ons rond te leiden. Daarna heeft
het nog lang leeg gestaan door financiële perikelen en is het
Herinneringscentrum uiteindelijk niet in Sandhage gekomen, maar in
Bronbeek. Sinds november 2009 heeft de Haagsche Makelaar het pand in
gebruik.

Frontzeitung der Wehrmacht
Wacht im Westen,
Nachrichtenblatt einer Armee.
Uitgever: Utrecht, Wehrmacht Propaganda Einsatzführer.
1944-1945 verscheen wekelijks later dagelijks.
De Wehrmacht
had een aantal militaire kranten die voor de eigen troepen
waren en niet voor de bevolking.
Bronnen:
-
Scheveningen
– Den Haag, 1940-45, van dorp en stad tot Stutzpunktgruppe
Scheveningen, C.Bal, uitgeverij Rodi 1996.
-
Kampfeldmittelmeer, Franz Kurowski,
Koehler Verlag 1984.
-
Van verdediging naar bescherming, de
Atlantikwall in Den Haag. Ir. Ambachtsheer, Gemeente Den Haag 1995.
-
Interviews en briefwisseling met Bernd
Rebensburg.
-
Die deutsche Kriegsmarine 1939-45,
Gliederung, Einsatz, Stellenbesetzung. Lohmann & Hildebrand, Podzun-Pallas
Verlag.
-
Die Afrika Flottille, Friederich von
Kemnade, Motorbuch Verlag.
-
Die deutsche Schnellboote im zweiten
weltkrieg, Gerard Hümmelchen, Mittler Verlag.
-
Div. Artikelen m.b.t. V-2’s in Den
Haag, beschikbaar gesteld door Jors Borsboom.
-
Kriegstagebuch Admiral in den
Niederlanden.

http://www.werkgroep-kriegsmarine.nl/
|