|
|
De bouwers van de Franse Forten | Naamdragers forten Fort Dirks Admiraal | Fort Du Falga | Fort Erfprins | Fort Harssens | Fort Kijkduin Fort Kijkduin "Miljoenenfort"| Fort op de Laan | Fort Oostoever | Fort Westoever |
||||||||||||
|
Nieuw Fort Kijkduin, het Miljoenenfort
© J. van Tongeren - Laatste bijwerking 27 januari 2009
Na
de Eerste Wereldoorlog bleek pas hoe sterk de Stelling van Den Helder
verouderd was. Het inmiddels bestelde achterhaalde 28 cm geschut voor het
nieuwe 'miljoenenfort Kijkduin' werd daarom niet geplaatst en uiteindelijk
stopte men in 1920 met de bouw.
De verblijven met een kruis waren nog niet overdekt
De
28 cm kanonnen De minister van Oorlog H. Colijn keurde op 3 juli 1913 het contract goed voor de aanschaf van 8 vuurmonden van 28 cm lang 45 bij de firma Friedrich-Krupp-
Aktiengesellschaft,
te Essen-Ruhr (Duitsland). Deze panterkoepels waren in eerste instantie bestemd voor:
De
aanschaffingskosten van het geschut zijn bestreden uit het Fonds tot verbetering
van de kustverdediging, dat bij de wet van 23 juni 1913 is ingesteld.
Vertraging
De
firma Krupp had zich verbonden uiterlijk op 1 september 1916 twee complete
koepels, dus met geschut, en uiterlijk op 1 juli 1917 de twee andere koepels te
hebben opgesteld. Bij de uitvoering werd in het eerste jaar met grote
voortvarendheid gewerkt, zodat het zich liet aanzien, dat oplevering zou kunnen
geschieden vóór de hierboven genoemde data.
Door
het uitbreken van den wereldoorlog 1914-1918 trad echter een belangrijke
vertraging in de werkzaamheden op, terwijl door de daaropvolgende ratificatie op
10 januari 1920 van het Verdrag van Versailles de werkzaamheden met betrekking
tot het gesloten contract moesten worden stopgezet. Daar de firma Krupp zich
door deze omstandigheden op overmacht kon beroepen, moest de Nederlandse
regering daarmee genoegen nemen.
De
levering
De
levering had plaats in de maanden juni, september en december van het jaar 1919.
Geleverd werden 8 kanonnen kaliber 28 cm, waarvan 2 met een complete wieg, 2 met
een wieg in voorbewerkte toestand, echter zonder munitie; voorts een aantal
pantsers. Dit materiaal werd opgeslagen op de marinewerf te Amsterdam.
Nieuwe
inzichten
Door
de sedert 1913 sterk gewijzigde tijdsomstandigheden zouden voor het afwerken van
het fort De Ruyter en het verbeteren van fort Kijkduin, het opstellen van de
pantserkoepels, zomede het completeren van het geleverde geschut en het aanmaken
van de benodigde munitie nog zéér belangrijke bedragen nodig zijn geweest.
Hierbij
kwam, dat de inzichten nopens het gebruik en de opstellingswijze van zwaar
geschut bij kustversterkingen, als gevolg van de ervaringen, opgedaan in de
wereldoorlog 1914-1918, ingrijpende wijzigingen hadden ondergaan. Een en ander
heeft tot gevolg gehad, dat het meergenoemde geschut nimmer is opgesteld.
Wel
is nog uitvoerig nagegaan, of het geschut kon worden ingericht en bestemd voor
spoorweggeschut of beddinggeschut, maar ook daarvoor zouden nog aanzienlijke
bedragen nodig zijn geweest. Gelet op andere behoefte van de landmacht, die de
voorrang moesten hebben, konden deze bedagen niet beschikbaar worden gesteld, te
meer niet, omdat de aanmaak van de munitie op ongeveer fl
3.000,- per schot zou neerkomen, berekend naar de prijzen, welke golden in 1920.
Tot
verkoop is voorts niet overgegaan, dan men zich had overtuigd, dat ook het
legerbestuur in Nederlands-Indië op deze kanonnen geen prijs stelde.
De
totale kosten, welke voor de aanschaffing, het vervoer en de opslag van het
geschut en de pantsers zijn besteed, hebben bedragen fl
1.334.335,72. Hieronder is begrepen een bedrag van fl
18.428,- dat in de jaren 1923/1931 voor onderhoud moest worden uitgegeven.
De
verkoop Op 21 december 1932 werd het geschut aan de firma Vlessing & Co. te 's-Gravenhage voor de prijs van fl.50.000,- verkocht. Verder was de firma bij contract verplicht de kanonnen van de Marinewerf te Amsterdam te verwijderen, waarvan de kosten van dit transport destijds geschat werd op fl 25.000,- à fl 40.000,-. Deze aan de gesloten koop verbonden voorwaarde moet bij de beoordeling van de koopsom mede in aanmerking worden genomen. Voorts betrof het hier een moeilijk verkoopbaar object, hetgeen blijkt uit het feit, dat de kanonnen in februari 1936 nog steeds niet door genoemde firma waren verkocht.
Tweede Wereldoorlog Het onvoltooide fort heeft nog dienst gedaan voor de onderbrenging van de geschutsbemanning van de Marineseezielbatterie Duinrand.
© E.A. van Bergen: Fundamenten van het middengedeelte van der fort tijdens begin '70-jaren.
© E.A. van Bergen: Fundamenten van het middengedeelte van der fort tijdens begin '70-jaren.
Het fort is in de zeventiger jaren bij de dijkverhoging ondergegraven.
Oktober 2008 De Stichting Stelling Den Helder en de Stichting Noordhollands Landschap zijn in overleg om een gedeelte van het zgn. Miljoenen fort zichtbaar te maken voor het publiek.
|
||||||||||||
|
|
|