|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
W.N. 121 M. Marine Seezielbatterie Kaaphoofd
© J. van Tongeren - Laatste wijziging 11 november 2010
Eind 1942 werd het betiteld als W.N. 121 M. en bewapend met 4 x 10,5 cm S.K. C/32 wederom in open beddingen. Na augustus 1942 werd de bezetting uitgevoerd door 6./M.A.A. 607 en daarna 4./M.A.A. 607.
De aanwezige Scheinwerfers op het W.N. waren t.b.v. de Flakbatterie op fort Erfprins.
W.N.112 Op 1.4.1941 werd het bezet door ?./M.A.A. 201 (sterkte 1/1 Arzt/13/123) en ?./I.R. 168, Commandant: Oblt. Roßkamm, bewapening: 4 x 7,5 cm S.K. L/40 (h), 3 x 7,7 cm Flak auf Lkw., 1 x 2 cm Flak, 1 x 12,7 mm M.G., 5 x s.M.G., 1 x le.M.G.
Op 26.1.1943 werd het bezet door: 3./M.A.A. 607 (sterkte 1/16(of 18)/80), bewapening: 4 x - , 3 x - 2 x le.Gr.W., 2 x s.M.G. (h), 4 x le.M.G. (h), 3 x le.M.G., 1 x le.M.G., 1 x 60 cm Ø Scheinwerfer 3./M.A.A. 607 (sterkte 1/-/-), 4 x - [bo], 2 x le.Gr.W. (f) [bo], 1 x s.M.G. (h), - x le.M.G., 1 x le.M.G. [bo] M.Batt.Zug (sterkte 0/5/37), 4 x - , 2 x le.M.G. 15./G.R. 860 (sterkte 0/1/4), bewapening 1 x - .
Op 26.3.1943 wordt het bezet door 3./M.A.A. 607 (sterkte: 2/23/88(of 89), bewapening: 4 x 7,5 cm S.K. L/40 (h), 1 x 15 mm Fla-M.G., 2 x le.Gr.W., - x s.M.G., 6 x le.M.G., 1 x 60 cm Ø Scheinwerfer
W.N. 121 M Op 26.5.1943 wordt het bezet door 3./M.A.A. 607 (sterkte 2/23/88 (of 89), bewapening: 4 x 7,5 cm S.K. L/40 (h) [bo], 2 x le.Gr.W. [bo], 4 x s.M.G. [bo], 6 x le.M.G. [bo], 1 x 60 cm Ø Scheinwerfer
In 1943 werd het bezet door 3./M.A.A. 607, bewapening: 4 x 7,5 cm S.K. L/40 (h), 2 x le.Gr.W. (f), 1 x 15 mm Fla-M.G., 1 x s.M.G. (h), 2 x le.M.G. (f), 5 x le.M.G. (d), 1 x le.M.G. (h), 1 x - cm Ø Scheinwerfer
Vanwege de ombunkering van het geschut bouwde men na januari 1943 vier bunkers van het type 671 S.K. Schartenstand für Geschütze auf Mittlere Sockellafette (120°) ohne Nebenräume. De bunkers waren getarnt (gecamoufleerd). De beddingen ernaast bleven in stand. Eveneens werd na januari 1943 achter de batterij een munitiemagazijn gebouwd van het type Fl 246 Munitionsauffüllraum für schwere Flakbatterie.
Op 23.2.1944 werd het bezet door 3./M.A.A. 607 (sterkte 2/15/109) en Flakzug 2150 (sterkte 0/0/0). Commandant Lt.M.A. Mews (of Mevs), plv. commandant: Lt.M.A. Böttger Bewapening 4 x 10,5 cm S.K. C/32, 1 x - Gr.W., 1 x 15 mm Fla-M.G., 3 x s.M.G., 6 x le.M.G., 2 x 150 cm Ø Scheinwerfer, 1 x 60 cm Ø Scheinwerfer, 120 x Gew., 11 x Pist., 3 x M.P.
Op 3.3.1944 en 1.4.1944 werd het bezet door 4./M.A.A. 607, bewapening: 4 x 10,5 cm S.K. C/32 (7,5 km)
Op 26.5.1944 werd het bezet door 4./M.A.A. 607 (sterkte 2/16/95), bewapening 4 x 10,5 cm S.K. C/32, 1 x le.Gr.W. (f), 1 x 15 mm Fla-M.G., 1 x s.M.G., 4 x le.M.G., 2 x 150 cm Ø Scheinwerfer [bo], 1 x 60 cm Ø Scheinwerfer [bo].
Op 20.12.1944 werd het bezet door 4./M.A.A. 607. bewapening 4 x 10,5 cm S.K. C/32 (14,4 km), 2 x 150 cm Ø Scheinwerfer, 1 x 60 cm Ø Scheinwerfer
In september 1945 vond men de bewapening van 4 x 10,5 cm S.K. C/32 en aanwezige munitie terug ongeveer 6.000 patronen van 10,5 cm
Het BRV-complex UU, gedeelte Kaaphoofd omvatte de navolgende bunkers:
Baupunkt 27, Widerstandsnest 121 M / Marineseezielbatterie Kaaphoofd
In de jaren '60 werden de geschutbunkers en overige bunkerwerken ontmanteld i.v.m. het ophogen van de dijk op Delta-hoogte en het verleggen van de rijweg.
De laatste restanten van de Nederlandse kustbatterij Kaaphoofd zijn de zuidelijke munitieopslagplaats uit 1857 met daarop een Duitse Tobruk, terwijl in de voorliggende scherfwal een (waarschijnlijk Duitse) bunker ligt.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||